13/04/08 - Het Annapurna Circuit
Allereerst aan al onze lezers een fantastisch jaar 2065 toegewenst op deze Nepalese nieuwjaarsdag. Wat zijn wij al lang op wereldreis...
He he, we zijn er weer...!!!
Het avontuur begon met een zeven uur durende busrit van Kathmandu naar Besisahar, een afstand van amper 200 km. Reeds bij het verlaten van de hoofdstad transformeert het landschap zich in een waar bergland en hoewel de weg op zich er nog relatief onderhouden bijligt, wordt de verkeerssituatie onveilig gemaakt door de enorme hoeveelheid vrachtwagens. Als ze al niet op de onmogelijkste plaatsen met pech op de weg staan en de doorgang blokkeren, tuffen ze in een slakkentempo de helling op, om bergafwaarts gevaarlijke inhaalmanoeuvres uit te voeren. Kortom, we zijn tevreden met een rustige chauffeur die getuigt van voldoende verantwoordelijkheidszin. De dag van onze busreis is een feestdag in Nepal. De hele dag lang wordt er op straat met zakjes gekleurd water gegooid, terwijl rood geel en groen poeder met veel plezier en onder gejuich van omstaanders in eenieders gezicht haar of kleren wordt gewreven die zich maar op straat durft te vertonen. Wie niet weg is is gezien! Waar de festiviteiten hun oorsprong kennen en de verklaring voor de smeerpartij blijven ons onduidelijk, maar gezien ook de bus om de haverklap wordt bekogeld met emmers gekleurd water houden we veiligheidshalve de raampjes maar dicht.
Besisahar, gelegen op een hoogte van 820m, is het startpunt van het Annapurna Circuit. Deze trekking doorheen de Himalaya neemt om en bij de drie weken in beslag en komt doorheen ontelbare dorpjes die ieder voorzien zijn van de nodige hotels en eetgelegenheden. Als wandelaar kent dit de fantastische voordelen dat noch tent noch eten gedragen moeten worden, waardoor een wandeltocht met relatief lichte rugzak er stukken aangenamer op wordt. Dag na dag bereiken we de steeds meer geisoleerd rakende bergdorpje, waar uitgeweken Tibetanen zich door de jaren heen hebben vermengd met de oorspronkelijke Nepalese bevolking. Er wordt geleefd op het ritme van de dag en de seizoenen. De winter heeft sinds kort plaatsgemaakt voor de lente en de talrijke akkertjes in terrasbouw worden in gereedheid gebracht. Terwijl op geringe hoogte reeds wordt geploegd met een tweespan koeien, liggen op grotere hoogtes de veldjes nog geduldig op het warmere weer te wachten, ieder zorgvuldig voorzien van bijeengespaarde hoopjes natuurlijke mest. Naast enkele koeien worden er voornamelijk berggeiten gehouden, die tussen de schrale vegetatie hun levensonderhoud weten te vinden. In de kleine stallen wordt stro op originele wijze vervangen door een bed van dennennaalden.
Het pad dat we volgen is de enige verbindingsweg tussen de dorpjes en talrijke aardverschuivingen langs de vaak steile berghellingen zijn verantwoordelijk voor aanhoudende wegwerkzaamheden. Vaak moet de gehele weg uit de rotswand worden gehakt. De aanblik van blootvoetse wegwerkers die gewapend met hamer en breekijzer meter na meter en steen na steen geheel met de hand een nieuwe weg moeten aanleggen, stemt in het jaar 2008 (2065) op zijn minst tot nadenken. Deze gevaarlijke passages zijn vaak niet breder dan tien centimeter en laten naast oplettende voetgangers slechts zelfverzekerde ezels door. Naast andere trekkers zijn zwaar bepakte ezelkaravanen dan ook de enige bondgenoten op onze tocht. Zolang we bergopwaarts lopen in de richting van de bergpas betekenen ze voor de dorpjes de enige leveranciers van elementaire levensmiddelen. Hoewel, het schijnt in Nepal een populaire job te zijn om als 'drager' door het leven te gaan. Voorwerpen van de meest uiteenlopende aard, die voor ongetrainde personen bijna ontilbaar zouden zijn, worden omhoog gesjouwd. Rieten manden met stenen, brandhout, dekens of levensmiddelen worden op de rug gedragen, ondersteund door een band die over het voorhoofd wordt gespannen. Ook de toeristen hebben tegen betaling de weg van het gemak gevonden en vele trekkers lopen de gehele tocht met slechts een knapzakje op de rug. Vaak torsen de ingehuurde dragers rugzakken van 30 kg en meer en bij hun meelijwekkende, haast onmenselijke aanblik, dragen we onze eigen bagage met trots.
Met het verlopen van de dagen en na het leveren van stevig klimwerk naderen we langzaam maar zeker de besneeuwde toppen van de Annapurna bergketen. Stillaan worden de hoogvlaktes droger door het afschermend effect van de Himalaya op de jaarlijkse moessonregens. Tegen de tijd dat de koeien vervangen worden door de veel rustiekere yaks, bereiken wij de sneeuwgrens. Vanaf nu zijn we verplicht ons te houden aan relatief korte dagetappes om ons lichaam te laten acclimatiseren. In de bergen kan op grote hoogte het zuurstofgehalte dalen tot slechts 50% van het normale zuurstofgehalte op zeeniveau. Boven een hoogte van 3500m mag ter preventie van acute hoogteziekte niet meer dan 400m per dag worden geklommen. Aangezien de symptomen van longoedeem en zelfs hersenoedeem drastische gevolgen kunnen hebben, houden we ons maar wijselijk aan dit vooropgestelde schema. Gelukkig voelen we ons allebei gedurende de gehele klim opperbest. In het gezelschap van de ervaren bergkenner Mattias, onze Zweedse vriend die we in Kathmandu leerden kennen en die we enkele dagen later toevallig tijdens de trekking weer tegen kwamen, bereiken we op de tiende dag van onze trektocht het letterlijke hoogtepunt van het circuit. Het oversteken van de bergpas Thorung-La op een hoogte van 5416m voelt als een echte overwinning. Het besef deze plaats op eigen kracht te hebben bereikt is de ultieme beloning voor de geleverde inspanning en haast ontroerd van geluk delen we dit unieke moment.
Eenmaal bekomen van de emoties breekt de tijd aan van de lange afdaling in zuidelijke richting. Vanaf het plaatsje Jomsom wordt de trek razend populair. Hoewel aan deze kant van de berg de uitzichten minder spectaculair zijn en de dorpjes minder pittoresk, is de populariteit van de zogenaamde 'Jomsom trek' te danken aan de aanwezigheid van een klein vliegveld. Vele trekkers laten zich overvliegen en starten pas hier met het circuit, dat comfortabel in zijn geheel bergafwaarts loopt. Onze getrainde beentjes brengen ons in een recordtempo van enkele dagen naar het eindpunt van het circuit en tegen de tijd dat de andere trekkers de bus nemen naar de dichtsbijzijnde stad Pokhara, besluiten wij een tweede trekking aan te vatten.
Zonder enige rustdag in te lassen vatten we de 'Annapurna Sanctuary' aan. Deze heuse klim bevat geen bergpas als hoogtepunt maar leidt naar het Annapurna Base Camp, gelegen op 4130m. Mits het volgen van een verkeerde route waardoor we een omweg maken die ons een volledige stapdag kost, bereiken we vier dagen later het basiskamp. Van hieruit worden bergbeklimexpedities gestart naar de 8091m hoge top van de Annapurna I. Onze expeditie eindigt bij het bereiken van het basiskamp. Hoewel het gevoel van overwinning dat ons overspoelde bij het oversteken van de bergpas Thorung-La uitblijft, vormt het magische decor van de omringende besneeuwde bergtoppen de rijke beloning voor de geleverde inspanning. Genietend van de warmte van de krachtige namiddagzon, aanschouwen we het spel van wolken die bergpieken verbergen om, eenmaal opgelost door de zon, hun natuurschoon terug prijs te geven. In het licht van een nieuwe dag krijgt hetzelfde decor een andere kleurtint en wanneer we op het vroege ochtenduur de terugweg doorheen het sneeuwlandschap aanvatten, stappen we op een nog bevroren sneeuwdek. Drie lange stapdagen scheiden ons nog van de bewoonde wereld. Na een trekking in de bergen van exact drie weken, ongeveer 100 stapuren en na ruim 300 km te voet te hebben afgelegd zijn we eerlijk gezegd meer dan blij de stad Pokhara te bereiken. Een heerlijke warme douche, proper gewassen kleren, een minimum aan comfort en een grote malse biefstuk met een glaasje rode wijn staan inmiddels hoog op ons verlanglijstje...